Blijf Actief - Minder mobiel, toch actief

 
 
 

Mogelijke behandelingen bij urine-incontinentie

Voor de behandeling van urine-incontinentie is een aantal uiteenlopende methoden beschikbaar. De meeste behandelmethoden richten zich op de oorzaken van de incontinentie; daarom vormt een goede diagnose een belangrijke voorwaarde voor een effectieve behandeling. Naast conservatieve behandelmethoden (fysiotherapie, medicijnen) kan de oorzaak van de incontinentie ook via een operatie worden weggenomen.  

 

Gedragstherapeutische maatregelen
Fysiotherapeutische maatregelen
Andere behandelingen voor de verschillende vormen van incontinentie
Hulpmiddelen

 

 

 

 

Gedragstherapeutische maatregelen 

Via speciale trainingsmethoden kan hetlozingspatroon van de blaas verbeterd worden, althans wanneer dergelijke methoden afgestemd zijn op de betreffende patiënt en de bijbehorende indicatie. Indien het via een toilet- en mictietraining is gelukt om de urinelozingen in ieder geval weer gedeeltelijk onder controle te krijgen, kan dit de lichamelijke en mentale toestand van de patiënt verbeteren en kan hij met name zelfstandig blijven functioneren.

Door incontinentietraining kan de aard van de symptomen bij lichte vormen van stress- en aandrangincontinentie doorgaans verbeterd worden; dat geldt ook bij de "gemengde incontinentie" waarbij de patiënt last heeft van beide vormen van incontinentie. Een extra training van de bekkenbodem heeft ook een positief effect bij stressincontinentie. 

 

Toilettraining - aanpassen van het lozingsritme aan de individuele blaascapaciteit:  

  • De toilettraining is erop gericht om de kritieke volle toestand van de blaas als het ware door eenpreventieve lozing te voorkomen. Voorwaarde voor een praktische uitvoering van toilettrainingen is dat er een nauwkeurig mictieprotocol wordt opgesteld.
  • In een volgende fase worden de tijdstippen van de "preventieve" toiletbezoeken vastgesteld. Dat gebeurt voor elke patiënt afzonderlijk aan de hand van een eigen mictieprotocol. Bij die toilettraining is het de taak van de "trainer" om de patiënt net zo lang aan een tijdig toiletbezoek te herinneren totdat deze zich het nieuwe ritme helemaal eigen heeft gemaakt en uit zichzelf op de afgesproken tijden naar het toilet gaat - ook als hij nog geen aandrang voelt.  

Mictietraining - actieve verlenging van korte mictie-intervallen  

  • Doel van de training is het beheersen van de mictiereflex waardoor zowel te korte mictie-intervallen als de blaascapaciteit worden vergroot.
  • Door die urinedrang geeft de blaas aan dat het weliswaar nodig is om te gaan plassen, maar dat dit nog niet meteen hoeft te gebeuren. Doorgaans is er voldoende tijd om naar het toilet te gaan. Dat is echter problematischer voor mensen die vanwege hun leeftijd of aandoeningen aan een aandrangsyndroom leiden. 
  • Dan komt de mictietraining in beeld. Mensen die last hebben van dat aandrangsyndroom moeten gemotiveerd worden omrustig te blijven wanneer zij aandrang voelen en om zich er goed op te concentreren om dat gevoel te onderdrukken. Die urineaandrang kan beter onderdrukt worden wanneer de betrokkenen geleerd hebben om de bekkenbodemspieren aan te spannen.
  • Het is van groot belang dat patiënten tijdens de training de zekerheid hebben dat er geen "vervelende ongelukjes" kunnen plaatsvinden. Dat is gelukkig mogelijk dankzij het gebruik van de juiste absorberende incontinentieproducten. Dat gevoel van zekerheid geeft tevens de motivatie om een eenmaal begonnen training ook af te maken. Bij die training is het de bedoeling dat het interval tussen het moment dat de aandrang gevoeld wordt en de feitelijke urinelozing langzaam vergroot wordt - elke drie tot vier dagen met ongeveer 20 minuten. De training duurt net zo lang tot er een voor de leeftijd adequate blaascapaciteit met acceptabele mictie-intervallen zijn bereikt. 
    ^ top

Fysiotherapeutische maatregelen 

 

Training van de bekkebodem - Opbouw van de verzwakte spieren in het kleine bekkengebied 

 

Het op een goede manier 
aanspannen van de bekkenbodem-
spieren kan geleerd worden.
 

Door een speciale training of een fysiotherapeutische behandeling kunnen incontinentiepatiënten leren hoe zij debekkenbodemspieren op de juiste manierenmoeten aanspannen en ontspannen. Bij lichamelijke belasting, bijvoorbeeld bij niezen of tillen, kunnen die spieren dan gericht gebruikt worden voor het afsluiten van de urinekanalen.


Om de training van de spieren te bevorderen, kunnen vaginale kegels worden gebruikt. Deze kleine gewichten in de vorm van een kegeltje worden in de schede ingebracht en dienen daar, door het aanspannen van de bekkenbodem, enkele minuten vastgehouden te worden.

Regelmatige, dagelijkse oefeningen versterken de spieren van de bekkenbodem en zorgen daardoor voor een duurzame verbetering van de incontinentieklachten. Wij adviseren de oefeningen alleen uit te voeren onder begeleiding van een huisarts of fysiotherapeut.

1. Begin van de oefening

 

 

Begin met het gedurende vijf minuten ontlasten van uw bekkenbodem door simpelweg dedrukverhoudingen in het bekken om te draaien.

Ga op de grond liggen en leg uw onderbenen op een krukje of een stoel. Verhoog de positie van uw bekken door er een kussen onder te leggen. Er is ook nog een andere mogelijkheid: Ga op de knieën zitten, buig het bovenlichaam naar voren, steun op uw onderarmen en laat uw hoofd op de handen rusten.

2. Training van de bekkenbodem

U kunt uw bekkenbodem voelen, wanneer u bij het plassen de urinestraal onderbreekt. De spier die u daarvoor gebruikt is de bekkenbodem en die kan met de volgende oefeningen worden getraind. U kunt elke oefening zo vaak als u wilt herhalen. Let erop dat u tijdens de oefeningen op de juiste manier in- en uitademt: 

Inademen: de bekkenbodem is ontspannen. 

Uitademen: span nu de bekkenbodem aan.

 

 

Oefening A

 

 

U kunt de betreffende spieren nog beter voelen als u op een stevig object gaat zitten en u de spieren bewust aanspant. U kunt hiervoor bijvoorbeeld een opgerolde handdoek gebruiken.

Oefening B

   

Sla bij het zitten, staan of liggen uw benen over elkaar. Druk vervolgens bij het uitademen de buitenkanten van uw voeten tegen elkaar.

Oefening C

   

U kunt de spieren rondom de urinekanalen en de schedebeter samentrekken als u gaat zitten in een positie met een holle rug. Concentreer u op de bekkenbodem en span uw spieren aan bij het uitademen.

Oefening D

   

Ga op de grond zetten en buig de benen in een hoek. Houd de onderbenen gespreid en druk de knieën met uw handen tegen elkaar. Probeer vervolgens om de dijbenen ondanks de tegendruk van de handen uit elkaar te bewegen. Adem daarbij uit.

Tips voor noodgevallen

   

Bij een onverwachte druk op de blaas hoeft u uw bovenlichaam alleen maar voorover te buigen - alsof u uw veters gaat strikken. Daardoor wordt de druk in de buikholte in tegengestelde richting verplaatst en wordt de blaas ontlast.                

 

 

  ^ top

Andere behandelmogelijkheden voor de verschillende vormen van incontinentie

Stressincontinentie

Een lichte stressincontinentie kan op een conservatieve manier metfysiotherapeutische oefeningen worden behandeld waarbij de buikwand en de spieren van de bekkenbodem en het middenrif worden versterkt. Er kan ook een behandeling met geneesmiddelen plaatsvinden.

Een operatie is alleen geïndiceerd wanneer de symptomen met conservatieve behandelmethoden niet afdoende verbeterd kunnen worden. Er zijn talloze operatiemethoden beschikbaar om de belangrijke functie van de proximale urethra weer te herstellen:  

  • een colposuspensie;
  • een TVT-operatie (TVT = Tension-free Vaginal Tape);
  • collageeninjecties;
  • het aanbrengen van een kunstmatige urethrasfincter (sluitspier van het urinekanaal).

Aandrangincontinentie

Bij de behandeling van patiënten met een aandrangincontinentie is het primair van belang dat vastgesteld wordt welke factoren die continentie veroorzaken c.q. welke factoren uitgesloten kunnen worden. Tot die factoren behoren o.a.:

  • urineweginfecties (kunnen bijv. met antibiotica behandeld worden);
  • intravesicale obstructies (kunnen bijv. operatief verwijderd worden via een transurethrale ingreep).

Andere mogelijke operatieve behandelmethoden bij een aandrangincontinentie zijn een neuromodulatie van de functionele scacrale zenuwen met elektrostimulatie of, als "laatste redmiddel", een vergroting of vervanging van de blaas bij een functioneel en structureel verminderde blaascapaciteit.
Er zijn ook geneesmiddelen die de overactiviteit van de blaas kunnen verminderen.

Overloopincontinentie

Voorafgaand aan de behandeling van patiënten met een overloopincontinentie dient altijd eerst de oorzaak van die incontinentie vastgesteld te worden. Indien de incontinentie door een vergrote prostaat of een tumor wordt veroorzaakt, dient dit probleem via een operatieve ingreep aan de urethra opgelost te worden.

Reflexincontinentie

De beste methode om de blaas bij een reflexincontinentie gecontroleerd te ledigen, is via zelfcathetherisatie met regelmatige tussenpozen.  

^ top

Hulpmiddelen

Verzorging met absorberende hygiëneproducten

   

Het gebruik van absorberende incontinentieproducten vormt een belangrijk onderdeel van de totale behandeling. Die productenondersteunen de behandeling en het gebruik ervan is noodzakelijk om patiënten tegen "pijnlijke ongelukjes" te beschermen zolang zij nog niet klachtenvrij zijn. Indien de incontinentie niet behandelbaar is of een behandeling niet alle klachten kan wegnemen, bieden deze producten patiënten vaak de enige mogelijkheid om hun leven draaglijker te maken.

Kwalitatief hoogwaardige incontinentieproducten zorgen daarnaast voor een betrouwbare, onopvallende urineabsorptie. De producten kunnen discreet in het ondergoed worden gedragen, beschermen de gevoelige huid tegen vochtigheid en voorkomen hinderlijke geuren.

Bij chronisch zieke en bedlegerige mensen waarborgen deze producten bovendien een optimale incontinentieverzorging, waardoor er minder kans is op complicaties als gevolg van incontinentie, zoals huidbeschadigingen door vochtigheid en door de agressieve bestanddelen in urine.

De keuze van het juiste incontinentieproduct is onder andere afhankelijk van het feitelijke urineverlies en van het normale en noodzakelijke vervangingsritme. Om de hoeveelheid urineverlies te bepalen, verdient het aanbeveling om het incontinentieproduct voor en na gebruik te wegen. Om de gemiddelde hoeveelheid urineverlies vast te kunnen stellen, is het verstandig om het urineverlies gedurende een periode van 48 uur bij te houden. Op basis van die gegevens kan dan vervolgens het gemiddelde urineverlies per uur worden berekend.


Als hulpmiddelen voor de afvoer van urine kunnen urinalen, urinezakken en katheters worden gebruikt.

Dit dossier werd aangeleverd door  Hartmann

^ top 

 
 
 
 ;